Het hoger beroep in de zaak tegen voormalig burgemeester Koen Schuiling wordt op 17 december nog niet inhoudelijk behandeld. Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden laat weten dat er op die dag een regiezitting plaats gaat vinden.
“De zaak wordt op 17 december niet inhoudelijk behandeld,” laat een woordvoerder van het hof weten. Tijdens deze regiezitting zullen de onderzoekswensen van de verdediging worden besproken. Het hof zal op een latere, nog onbekende datum hierop beslissen. Pas daarna zal de inhoudelijke behandeling van het beroep plaatsvinden.
Schuiling werd in maart van dit jaar door de politierechter veroordeeld tot een boete van 250 euro wegens ‘schennis van de eerbaarheid’. De rechter achtte bewezen dat hij eerder op de A7 masturberend achter het stuur van zijn auto zat. De voormalig burgemeester heeft dit altijd ontkend, stellend dat zijn gedrag voortkwam uit het verlichten van opkomende zware buikpijn als gevolg van medische klachten.
De zaak kwam in september uitgebreid in het nieuws na een reconstructie van NRC. De krant stelde dat de politie en het Openbaar Ministerie fouten hebben gemaakt bij de behandeling van de zaak en dat er sprake was van ’tunnelvisie’. De kwestie draait om twee incidenten: een eerder, geheimgehouden incident met een vrachtwagenchauffeur op een parkeerplaats, en het tweede incident in maart 2024. Pas na het incident in maart, waarbij een weggebruiker Schuiling naar eigen zeggen masturberend achter het stuur zag, werd het eerdere incident opnieuw bekeken en ontstond een strafdossier.
Volgens de NRC leidde een combinatie van mondelinge overdracht en persoonlijke interpretaties ertoe dat de waarneming van één getuige (de vrachtwagenchauffeur) binnen enkele dagen uitgroeide tot doorslaggevend bewijs. Dit bewijs, zo stelde een door de krant aangehaalde hoogleraar, had nooit als doorslaggevend mogen dienen. Toen de bevindingen in september 2024 openbaar werden, had Schuiling kort daarvoor zijn aftreden als burgemeester aangekondigd. Hoewel hij ‘energiegebrek’ als voornaamste reden noemde, beschreef NRC dat toenmalig minister Uitermark vanuit Den Haag druk uitoefende op Schuiling om op te stappen





























